Een klankuitspatting van Mukarno: vitaal, machinaal, visionair

Concert: Cas de Marez, stem en pianoduo Post & Mulder. Werken van De Marez, De Graaff, Bruynèl en Mukarno. Gehoord: 10/12 Lantaren Rotterdam.

Door ERNST VERMEULEN, NRC Handelsblad

Klavecimbelsnaren die verhit worden al gloeidraden en elektro-akoestische performance opera, een auto-achtervolging waarvan de geluiden worden opgeslurpt door een elektronische fuik, dit en nog veel meer bood tot nu toe de serie ‘Elektronica’ in de Rotterdamse Lantaren/Venster. Op het afsluitende concert ging het er nauwelijks minder spectaculair aan toe.

Eerst was het de beurt aan Cas de Marez, die ons onderhield met korte tekstloze songs, waarbij de stem werd gemanipuleerd door programma’s en sensoren ontwikkeld in STEIM. Processen als swingende gutturalen, die overgaan in hese sisklanken zijn weliswaar vindingrijk uitgewerkt, maar toch niet genoeg om een half uur lang te boeien.

Vervolgens toog het pianoduo Pauline Post en Nora Mulder aan het werk, voorzien van een elektronisch klanktapijt in werken van Huba de Graaff en Philemon Mukarno. Daarnaast werd eer betoond aan de onlangs overleden pionier Ton Bruynel, die zich zijn leven lang gewaagd heeft aan de combinatie van akoestische instrumenten en band. Vooral intrigerend is Brouillard voor piano en twee klanksporen uit 1994, geïnspireerd door het thrillerachtige gegeven van een gesloten spoorwegovergang in de potdichte mist – goed van timing in deze sombere woensdagnacht. Het werd met het nodige gevoel voor suspense voorgedragen door pianiste Nora Mulder, op de uitvoeringen viel toch al niets af te dingen.

Ook actueel was De Biggenweg voor twee vleugels en elektronica, geïnspireerd door een boze droom over donzen schoudertjes zo żacht, die de dood tegemoet rennen, eindigend in panisch persend schreeuwen. Angst om controle kwijt te raken is het thema, controle die gevonden wordt in een strakke optel techniek zoals in Peter Schats Anathema. Dit nogal hybridewerk – de toegevoegde ruis wil maar niet integreren met de kletterende toccata die de twee pianisten spelen-werd al eens eerder uitgevoerd.

Nieuw was Gynoids XX voor twee piano’s, elektronica en klanksporen van Philemon Mukarno. De titel verwijst naar een mengsel van vrouw en machine, gezien de sexe van de executanten, en machinaal is deze visionaire klankuitspatting zonder meer, veruit het meest vitale en meest succesvolle werk op deze wel wat lange avond. Het herinnert in zijn genadeloze strakke repetities aan Klavierstück IX van Stockhausen, hoog in de toetsen denk je aan Ligeti’s Conti- num, ook Xenakis schiet in de gedachten. Staan aanvankelijk de klankvelden te veel als contrastblokken los van elkaar, naar het einde toe is er zeker sprake van een organisch geheel. Niet zozeer de vele clusters zijn kenmerkend, wel de methalieke strengheid in de puls. Een naam om te onthouden: Philemon Mukarno, van huis uit gitarist en klanktechnicus, nu nog leerling van Klaas de Vries.

Door ERNST VERMEULEN, NRC Handelsblad

Meest gedreven is Iyona voor De Doelen Ensemble van Mukarno

Concert: De Doelen Ensemble. Gehoord 8/5 Rotterdam.

Door ERNST VERMEULEN, NRC Handelsblad

„Kijkend naar twee wereldoorlogen, de mondiale vervuiling, de naoorlogse patat-met-porno cultuur, tot in conservatoria onderwezen commerciële ongein voor dummies, zeg ik: de echte kunst heeft gelijk. Het Doelen Ensemble heeft gelijk.” Aldus een strijdvaardige Peter-Jan Wagemans in het programmaboek van het Doelen Ensemble onder het motto “Tien jaar nieuwe muziek in kleur, tien jaar kleur in nieuwe muziek’. 

In De Doelenen en TheaterLantaren/Venster bruiste het afgelopen weekeinde van de activiteiten. Eeken het jubilerend ensemble: een kinderconcert onder de titel Koning-Keizer-Digitaal, het Doelen Kwartet met werk van Albans Berg en oprichter Wagemans een gezamenlijk optreden slotoptreden van het Doelen Ensemble met Calefax Rietkwintet en Slagwerkgroep Den Haag met grotendeels Amerikaanse muziek. 

Het meest typerend voor de inzet van het Doelen Ensemble voor het werk van jongeren bood de zaterdagavond, gewijd aan componerende twintigers en dertigers, omringd door “routinier’s als Klaas de Vries, Rob Zuidam en René Uijlenhoet, componisten die ruimschoots hun sporen hebben verdiend en weten wat ze willen en dat ook als dertigers al deden. 

Een algemeen kenmerk van de jongeren is een zekere macho-cultuur in een overdaad niet alleen werden ingezet. Morton Feldmans aarzelend adagium ‘Men behoort steeds een weg open te laten, een beetje open ten minste’ was niet aan hen besteed. Men ging er fris en vrolijk op z’n Rotterdams tegen aan, de mouwen opgestroopt. Friso van Wijk noemde een wat rommelig stuk niet voor niets Strijd en Joey Roukens in een viool-pianoduet behandelt de piano als een slaginstrument met de viool er wat verloren piepend tegen aan. Ook Lars Skoglund, in een compositie voor basklarinet en cd, evolueert de klarinet door middel van een ter zake slaptongue-techniek tot slaginstrument. 

En nog het meest gedreven is Iyona (Jonas) voor basklarinet, cello, harp, slagwerk en celesta van Philemon Mukarno. Maar dat is dan wel het werk van een componist die weet wat hij wil. Hij is sterk in de opbouw, op een beklemmend Xenakis-achtige wijze, bezwerend ritueel. Aanvankelijk klinken er duo’s, eerst voor de in elkaar verstrengelde basklarinet en cello en daarna maakt Mukarno van harp-celesta een wonderlijk gamelan achtig instrument. Vervolgens ontstaat een discours voor het gehele ensemble, het laatste blok is voor de hoog wringende basklarinet en cello, opgezweept door de buisklokken, uitmondend in de steel drums. Dit is muziek die een concentratie vergt en uithoudingsvermogen.

Door ERNST VERMEULEN, NRC Handelsblad

Blinkende legering van koper en brons

Het Nederlandse gamelan ensemble Multifoon onder artistieke leiding van Sinta Wullur staat op het kruispunt van Oost en West. Samen met hun ruimdenkende geestverwanten van het Aurelia Saxofoon Kwartet toeren de Multifoners momenteel door ons land met het programma 'Gamelan meets saxophones'. Een ongebruikelijke legering van koper en brons, gonzend laverend tussen ingetogen, bezwerende en wilde, hypnotiserende, soms zelfs jazzy stukken.

Armand Serpenti Trouw 9/12

Een gamelan is een groep instrumenten bestaand uit xylofoontypen en hangende en liggende gongs. Gamelanmuziek wordt voornamelijk gespeeld op de Indonesische eilanden Java en Bali. Op deze eeuwenoude traditie heeft Multifoon een hedendaags antwoord: de chromatische gamelan. Van oudsher kent de verzameling bronzen instrumenten een toonsysteem waarbij het octaaf is onderverdeeld in vijf tonen. De melodieën die klinken op de chromatische gamelan bewegen zich daarentegen over twaalf tonen, zoals gebruikelijk is in de westerse muziek.

Winst is dat Wullur en haar ensemble nu naar believen oosterse klanken en speeltechnieken met westerse muziek door de mixer kunnen halen. Er moet echter wel iets voor worden ingeleverd. Pentatoniek levert nu eenmaal een andere melodische spanningsboog op dan chromatiek, en het waren voor een belangrijk deel de in westerse oren vreemd klinkende intervallen die de gamelan haar mysterieuze aantrekkingskracht gaven.

Wat overeind blijft is de volle, bronzen klank die door de ruimte gonst en een vervreemdend effect bij de luisteraar teweegbrengt. Soms hypnotiserend, tijdens de strakke en luide Balinese variant, dan weer ingetogen wanneer wordt omgeschakeld naar de Javaanse speelstijl. De chromatische gamelan is zonder enige twijfel een verrijking van de timbres op het klankpallet van de nieuwe muziek. Het brons blinkt van nieuwigheid.

Een gamelan is een groep instrumenten bestaand uit xylofoontypen en hangende en liggende gongs. Gamelanmuziek wordt voornamelijk gespeeld op de Indonesische eilanden Java en Bali. Op deze eeuwenoude traditie heeft Multifoon een hedendaags antwoord: de chromatische gamelan. Van oudsher kent de verzameling bronzen instrumenten een toonsysteem waarbij het octaaf is onderverdeeld in vijf tonen. De melodieën die klinken op de chromatische gamelan bewegen zich daarentegen over twaalf tonen, zoals gebruikelijk is in de westerse muziek.

Winst is dat Wullur en haar ensemble nu naar believen oosterse klanken en speeltechnieken met westerse muziek door de mixer kunnen halen. Er moet echter wel iets voor worden ingeleverd. Pentatoniek levert nu eenmaal een andere melodische spanningsboog op dan chromatiek, en het waren voor een belangrijk deel de in westerse oren vreemd klinkende intervallen die de gamelan haar mysterieuze aantrekkingskracht gaven.

Wat overeind blijft is de volle, bronzen klank die door de ruimte gonst en een vervreemdend effect bij de luisteraar teweegbrengt. Soms hypnotiserend, tijdens de strakke en luide Balinese variant, dan weer ingetogen wanneer wordt omgeschakeld naar de Javaanse speelstijl. De chromatische gamelan is zonder enige twijfel een verrijking van de timbres op het klankpallet van de nieuwe muziek. Het brons blinkt van nieuwigheid.

De Indonesiër Philemon Mukarno benutte de mogelijkheden die de combinatie van gamelan met saxofoons biedt daarentegen ten volle, door zich te richten op het verwante boventonenspectrum van beide in strumentgroepen. Langdurig aangehouden tonen creëerden caleidoscopische klankvelden waarin het timbre nu eens warm en omfloerst klonk, dan weer rafelig en rouw of schril en iel. Met dank aan de prima klinkende zaal die het resonerende amalgaam van kleuren liet doordringen tot diep in het hoofd van de luisteraars, een weldadige klankmassage.

Samen met het altijd naar muzikaal avontuur zoekende Aurelia Saxofoon Kwartet stond Multifoon vrijdagavond in het Utrechtse Rasa. Koper en brons versmolten op veelal oorspronkelijke wijze in werken die maar liefst acht Nederlandse en buitenlandse componisten speciaal voor het programma schreven.

 

Nog te zien op

22 december, KIT Tropentenheater, Amsterdam. 19 december in De Witte Dame, Eindhoven.

Geslaagde grensverkenning met de klankkleur en de mogelijkheden van de gamelan

Ensemble Multifoon & Aurelia Saxofoon Kwartet. Ton Maas Het Parool

Het is even wennen, de gamelan van het Nederlandse Ensemble Multifoon is chromatisch gestemd en bovendien worden de gongs en metallofoons niet zittend, maar staand bespeeld. Maar geheel conform de Javaanse traditie zijn er voortdurend changementen in de bezetting.

De gamelan is een orkesttraditie zonder dirigenten en bovendien zonder notatie systeem.

Om het orkest tot een organisch geheel te smeden, leert elke muzikant alle instrumenten bespelen en wordt er ook tijdens uitvoeringen voortdurend van plaats gewisseld.

Doel van Multifoon is het integreren van de traditionele gamelan uit Java en Bali in de westerse kunstmuziek. Sinds zeven jaar beschikt men over een chromatisch gestemd instrumentarium, zeg maar de ‘zwarte-toetsen-witte-toetsen stemming’, wat samenspelen met westerse instrumenten vergemakkelijkt.

Na een eerder project met het Odyssey String Kwartet presenteert de groep rond componiste Sita Wullur nu een programma met het Aurelia Saxofoon Kwartet.

Er worden acht werken uitgevoerd, waarvan er zes speciaal voor de nieuwe combinatie zijn geschreven.

Het optreden is niet alleen in muzikaal opzicht een belevenis.

De met exotische boventonen overladen klanken van de gamelan weerkaatsen tegen de wanden van de zaal.

Dat resulteert in staande golven die maken dat het soms net lijkt alsof er niet op het podium maar in je oor wordt gemusiceerd. Het gevoel dat er aan deze muziek niet te ontsnappen valt, wordt er door versterkt. 

Nog te zien op

22 december, KIT Tropentenheater, Amsterdam. 19 december in De Witte Dame, Eindhoven.

Het is niet verwonderlijk dat de meest geslaagde grensverkenning van de avond afkomstig is van iemand die met de klankkleur en de mogelijkheden van de gamelan is opgegroeid: de jonge Indonesische componist Philemon Mukarno.

Terwijl de vier saxofonisten met behulp van ‘sircular breathing’ lange, aanzwellende en wegstervende lijnen trekken, laat Mukarno de slagwerkers van Ensemble Multifoon de klankstaven van hun metallofoons [die luisteren naar de exotische namen als saron peking, saron barung, en slenthem] met strijkstokken bewerken.

Het geblazen koper versmelt met het verchroomde brons van de klankstaven tot een synthese waarin de instrumen ten hun aardse karakter verliezen en opgaan in een groter geheel. Wat er, misschien onbedoeld, in doorklinkt, is Mukarno’s achtergrond in de elektronische muziek.

Alleen realiseert hij zijn klankvisioen dit keer met strikt akoestische middelen. 

Mukarno: COMPOSING SPIRITUALITY “In my life I’m a believer. Objects are only a tool”

IMACO EPISODE #6: PHILEMON MUKARNO

Marta Franzoso
Philemon  Mukarno, composer, was born in Jakarta, Indonesia. He studied Audio Engineering, Composition and Composition Electronic Music at the Royal Conservatory of The Hague, and at Codarts, University of the Arts in the Netherlands. He gained a Cum Laude and received the Prize for Composition.
Mukarno is a unique figure in contemporary music. The use of electronics is one of his trademarks. The compositions demonstrate in their own way his original ideas and his need for intense expressiveness, in a musical language that does not refer to tradition. Each piece has a strong economy of Means and a strict control of Form. Means and Form are used by Mukarno in an elementary and powerful way.
With Philemon Mukarno we enter the mysterious world of musical composition. An art made of sounds, notes and technique: something that happens in the mind and spirit and that is not materially palpable.
This is the central “node of the conversation” with the composer, who carries with him an object that all common mortals use, but in his hands it becomes a container of spirituality and technicality: the computer. For Mukarno, the computer is only a means of being able to create his art. Inside it there are many of his most important musical compositions. It was his first computer so the emotional bond is very deep; not for its material envelope but for the art it carries within itself. Conversing with the artist, I perceive a non-attachment to material things. Spirituality and belief in God are the forces that lead him to approach a more mental approach to art. Mukarno is a performer too; but his true calling – and his job – is musical composition, especially electronic composition. Experimentation and technical rigor make the art of Mukarno notable.

Collective: The Art of Letting Go WORM

FRI 17 JUL '20 - ART / EXPO WORM OPEN CITY LIVE: IMACO 6 – PHILEMON MUKARNO The Imaginary Art

The composer devotes himself to works that are commissioned. Probably he spends many hours on the computer to create; in his life, objects are only matter; matter that over time wears out and is destroyed; while art in all its forms remains above all in the interior of people.
Even the decision to break this computer makes us understand that what is important is what has been created inside it. Computers as a means of creating music and spirit.
And it is through the performance at WORM that Mukarno, through a rite of passage, delivers the fragments of an object that was the life partner in the artist’s journey as a composer. To break, to be reborn; not to be attached to an object because it is a means of creating something that remains in our ears and in our heart, soul.

Klavierleeuwen muziek

Zelden komt op hedendaagse muziek zo'n groot en spontaan publiek af als bij de zaterdagmiddagconcerten in het Stedelijk Museum. De sfeer is ongedwongen: tussen de stukken door kunnen mensen in en uit lopen. Maar afgelopen zaterdag gebeurde dat in het geheel niet.

Jacqueline Oskamp

Het Rotterdamse pianoduo Post & Mulder slaagde erin het voltallige publiek ruim een uur lang aan de stoel gekluisterd te houden. Pauline Post en Nora Mulder vormen samen een flamboyante verschijning en het programma dat ze brachten was al even theatraal. Eigenlijk was Tema van Ron Ford – krachtige, op de minimal music geïnspireerde muziek – het enige ‘normale’ stuk. Philemon Mukarno breidt in Gynoids XX de bezetting van twee vleugels uit met elektronica. Op een spannende manier zet hij de luisteraar op het verkeerde been: het geluid van een langsdenderende trein wordt zodanig vervormd dat niet meer duidelijk is of we nu zwaar industriële of juist natuurgeluiden horen, zoals het dreunen van een storm. Hij speelt daarmee een mooi perspectivisch spel. Van een heel andere orde is Private Collection van Richard Ayres, een soort spookmuziek die is afgelopen voor ze goed en wel begonnen is. Ayres toont als het ware een reeks stills: virtuoze pianomuziek bevriest na een paar maten steeds in een tableau vivant van klank. Tegenover dit sterk conceptuele stuk staat de beeldende kracht van De Biggenweg van Huba de Graaf. De vloer voor de twee vleugels is bezaaid met luidsprekers in alle soorten en maten. Uitgelicht door twee krachtige voetspots ontstaat een geheimzinnig toneelbeeld. Het stuk zelf lijkt een explosie te verbeelden. De twee pianistes ontpoppen zich tot ware klavierleeuwen die met veel spierballenvertoon de instrumenten onder handen nemen. Ondertussen klinkt vanuit de luidsprekertjes (en vooral de reguliere luidsprekers aan het plafond) een onheilspellend gesis en geknetter. Alsof het tweetal wordt omringd door een arsenaal aan bommetjes en dynamietstaven die op het punt staan te exploderen. Niet voor niets stond dit vuurwerk als laatste op het programma. Het hart van het optreden werd gevormd door twee theatrale stukken die elkaar in meligheid de loef afstaken. In Tête a queue ni tête van Ernest H. Papier verschijnen Post en Mulder in extravagante avondjurken waarvan de slepen aan elkaar vastzitten. In deze uitdossing verkent het tweetal het instrumentarium: ze stompen op de dichte klep, cirkelen rond de vleugels, kruipen eronder en stoten hun hoofd (wat een prachtige galm in de klankkast veroorzaakt), klimmen erop en spelen al liggend een deuntje. Pure ongein? Een parodie op de zusjes Labèque? Feit is dat het stuk hilarisch uitpakt omdat Post en Mulder het met een stalen gezicht uitvoeren.

Uitgave

14 april 1999 – verschenen in nr. 15 De Groene Amsterdammer

Subtieler is Solo with Accompaniment van de Amerikaanse componist Cornelius Cardew, waarin de sopraan Daniela Bernoulli als gast optreedt. Ze maakt haar entree als een echte ster: een prachtige fluwelen jurk, een glanzende shawl, elegante parelketting en een verleidelijke glimlach. Het publiek verwelkomt haar met een enthousiast applaus, niet wetend dat juist dit cliché op de hak genomen gaat worden. Met veel omhaal zet ze een beverige ‘aaahhhh’ in – hard en vals. Terwijl de pianistes haar begeleiden met allerlei geluidjes, vervolgt zij haar onaangename noodkreet, die gevat is in een niet weg te branden glimlach. Een rochelende hoestbui, een slok water die ze met evenveel kracht weer uitspuugt, de lippenstift die uiteindelijk over haar hele gezicht zit gesmeerd, niets brengt haar van haar à propos. Ten einde raad staan de pianistes op, maken een buiging, waarmee hetzelfde applaus van het publiek onze diva smoort. Van sommige werken van dit onderhoudende optreden vraag je je af of de noten sterk genoeg zijn om het zonder theater ook te redden. Dat zal blijken op de cd die het duo deze zomer bij BVHaast gaat uitbrengen. Als performance was dit concert echter uiterst geslaagd. Dat Rudi Fuchs serieus overweegt de muziekserie in zijn museum op te heffen, was ook na dit optreden volkomen onbegrijpelijk. Gezien het plezier dat publiek en uitvoerders aan deze concerten beleven, zou dat doodzonde zijn.

Mukarno’s werken klinken ‘wie aus einem Guss’

In gesprek met Mukarno

Huib Ramaer

Het is september 2012 als het kwartet van Philemon Mukarno al op zijn werken lijst staat: Eluney (2013) gecomponeerd voor het Doelen  Kwartet, in opdracht van het Fonds Podiumkunsten. Zijn ideeën zijn dan nog volop in ontwikkeling, ondertussen laaft Mukarno zich aan de nieuwe muziek van zijn collega’s uit het internationale veld op de Gaudeamus Muziekweek (Utrecht), op dat moment in volle gang.

Eluney
De titel van Mukarno’s strijkkwartet is geïnspireerd door de Tucumán-Indianen, een volk waarmee hij kennismaakte tijdens een reis door Argentinië. Eluney betekent in het Tucumán ‘Geschenk van God’. Het staat voor de levensfilosofie van deze indianen uit noordwest-Argentinië. Mukarno: ‘Hoe ze met de natuur omgaan. Grond is voor de Tucumán iets wat je niet kunt ‘hebben’. De zuurstof in de lucht evenmin. Het begrip materieel bezit is ze vreemd. Hier in Nederland kun je zelfs een stukje maan kopen, terwijl je er nooit kunt komen! Of neem de Amerikanen, die planten er direct hun vlag, in plaats van dat ze gewoon van de maan genieten. Maar de aarde en de kosmos, je kunt ze je niet toe- eigenen. Je wordt geboren, gaat dood en dan verlaat je de aarde weer.’ 

Mukarno’s werken klinken ‘wie aus einem Guss

Het is aan zijn eerdere stukken te horen . Principieel vermijdt hij herhalingen in zijn muziek. Zijn strijkkwartet is begin september deels al uitgekristalliseerd. Mukarno: ‘lk maak daarin veel gebruik van boventonen. De tonen die vanzelf opklinken boven een grondtoon volgens de harmonische boventoon reeks, kwinten en tertsen. Dat kan erg goed met een strijkkwartet. Ik vind dat heel erg mooi.” Op de snaar laat Mukarno pinken van strijkers handen glissandi maken boven door andere vingers ingedrukte snaren. ‘Daar speel ik graag mee, dan gaan die boventonen een beetje zweven. Het is erg moeilijk te spelen, maar deze strijkers kunnen dat als de besten!’ 

Een taak van de luisteraars
Schrijven over nog niet bestaande strijkkwartetten, het lijkt pure speculatie, maar de unieke kans steelse blikken te werpen in de keuken van de componist laten we ons natuurlijk niet ontgaan. Hoe begint zo’n proces? Waar ligt de oorsprong, ontsproten aan een creatief brein en via papier en verbale uitleg tijdens repetities zijn weg vindend naar de strijkers? In hun interpretatie dringt de muziek, het idee, ten slotte door tot ons binnenoor. En dan? Maken we er vervolgens niet allemaal weer een eigen stuk van in ons hoofd? ‘Sterker nog, dat is zelfs een taak van de luisteraars’, beaamt Philemon Mukarno als ik hem die laatste vraag voorleg. ‘Je vermaken of niet, het staat de luisteraars vrij. Als ik componeer weiger ik aan de luisteraar of het publiek te denken. Ik sluit me daarvoor af. Anders kan het niet, ben je geen kunstenaar, ben je niet autonoom’, zegt hij stellig. ‘En dat is eigenlijk ook wel zo heer- lijk en bevrijdend.” Waarom zou je het ook proberen, draait Mukarno de kwestie meteen even om. ‘Je kunt de luisteraar toch niets af- dwingen! Dus als je daar los in bent, dan ben je vrij en hoef je daar ook niet aan te denken. Zelfs voor wat ik me zélf voorstel bij mijn stukken geldt: dat is míjn interpretatie.” 

Verzet bergen om het doel te bereiken

rapport

Prof. dr. P.S. Zwart, Bijzonder hoogleraar Economie van het MKB Rijksuniversiteit Groningen

Philemon Mukarno is zeer doelgericht en verzet bergen om het doel te bereiken. Het is een verbintenis die hij met zichzelf aangaat. Het doel daagt hij uit. Daarnaast is hij ambitieus. Wil veel bereiken en stelt hoge eisen aan zichzelf. Probeert steeds weer zichzelf te overtreffen. Verder heeft hij een sterke competitiedrang en gaat hij graag de strijd aan met anderen. Wil altijd winnen. Doet er alles aan om als beste uit de bus te komen. Hij oefent graag invloed uit op de omgeving en wil zelf de touwtjes in handen houden. Verder weet hij voor zichzelf wat hij wil en hoe hij andere mensen kan overtuigen van zijn zienswijze. Daartoe gaat hij graag de discussie aan met anderen en probeert mensen voor zijn ideeën te winnen. Neemt de leiding over anderen en scoort hoog op overtuigingskracht.

Hij legt makkelijk contact met andere mensen. Doet ook zijn best om in gesprek te raken met mensen, zeker als hij het idee heeft dat ze hem verder kunnen helpen. Zijn vlotte en zakelijke babbel helpt bij het opbouwen van een netwerk of klantenbestand. Hij gelooft in zijn eigen kracht en dat hij zelf de omstandigheden kan beïnvloeden waarin hij verkeert. Weet dat hij zelf verantwoordelijk is voor zijn eigen successen of mislukkingen en dat het niet zozeer een kwestie is van geluk. Een ”nee” accepteert hij niet als uitkomst en hij blijft er in geloven dat het wel lukt. Daarnaast voelt hij zich zelfverzekerd in de nabijheid van anderen. Daardoor stapt hij makkelijk af op mensen tegen wie je eigenlijk opkijkt en komt zelfverzekerd over.

Mukarno heeft zelfvertrouwen. Put er veel energie uit, maar bedenk dat twijfelen (vooraf je bedenkingen hebben) geen zwakte is, maar dat aarzelen (achteraf je vraagtekens plaatsen bij een beslissing) dat wel is. In relatie tot anderen is hij erg zeker van zichzelf. Op de lange termijn beschikt hij over een enorm doorzettingsvermogen. Als hij zich eenmaal heeft voorgenomen iets tot stand te brengen, dan brengt hij dat uiteindelijk ook tot stand, ongeacht de hobbels die hij moet overwinnen. Hij weet zichzelf te motiveren totdat het doel bereikt is en houdt die motivatie lang vast. Daarnaast beschikt hij over zelfdiscipline en weet vol te houden bij opdrachten of werkzaamheden die niet direct aantrekkelijk zijn en zal daarbij toch op de een of andere manier doorgaan: Een eigenschap die in het ondernemerschap zeer goed van pas komt. Tevens beschikt hij over doorzettingsvermogen op de korte termijn. Zelfmotivatie is een krachtige eigenschap in het ondernemerschap. Door niet op het einddoel te richten maar op de volgende stap, houdt je die zelfmotivatie vast. Hij heeft lef en is bereid risico ́s te nemen. Wordt uitgedaagd ook daadwerkelijk aan de slag te gaan met zijn ideeën en hij is ook niet bang dat het op een fiasco kan uitlopen. Dat is immers het risico van iets nieuws uitproberen. Het gaat tenslotte om de kans dat het wel goed gaat. 

Hij neemt kennis van jouw markt en de concurrenten die zich daarin bewegen. Hij richt zich daarbij op een specifieke doelgroep waarvan hij weet dat er behoefte is aan het product. Verder is hij klantgericht; weet dat men moet denken in termen van wensen en behoeften om de (potentiële) klanten tot koop aan te zetten. Daarbij heeft hij ook al concrete ideeën hoe hij zijn afnemers het beste kan benaderen. Hij scoort hoog op het vermogen mogelijkheden te zien. Is nieuwsgierig naar alles wat nieuw of anders is. Heeft een brede interesse en hij is meestal bezig verbeteringen te bedenken of nieuwe mogelijkheden te ontdekken. Hij staat open voor verandering en kan zichzelf en zijn plannen makkelijk daaraan aanpassen. 

Hij heeft een natuurlijke voorkeur voor situaties waar weinig regels gelden, die iets avontuurlijks en onvoorspelbaars in zich hebben en waarin hij de vrijheid heeft zaken naar zijn eigen hand te zetten. Hij handelt op gevoel. Allemaal elementen die in het leiderschap naar voren komen.

MKB Rijksuniversiteit Groningen